Behandeling van voedselallergieën


Behandeling van voedselallergieën

Als men het vermoeden heeft van een allergie, moeten diagnostische tests uitsluitsel geven. Zonder in de details te treden, geven wij hieronder een lijstje van de meest gebruikte methodes:

RAST

Men doet een bloedafname bij de patiënt en men spoort de antilichamen tegen de verschillende voedingsstoffen op. Deze praktische test veroorzaakt zeer weinig ongemak maar ze is duur en vervuilend want er worden radioactieve stoffen gebruikt.

FICA

Gelijkaardig aan de vorige test, maar men zoekt in het bloed naar de geïmmuniseerde stoffen: de allergenen waaraan antilichamen zijn gehecht.

PRICK

Deze test wordt het meest gebruikt omdat hij gemakkelijk uitvoerbaar is en weinig vervuilend. De test is wel omslachtig en volgens sommigen weinig betrouwbaar om een overgevoeligheid aan voedingsstoffen op te sporen. Een druppel voedingsextract van de stof die men wil testen wordt op de huid aangebracht, die dan door deze druppel heen wordt aangeprikt.

CITOTEST

Deze test onderzoekt de vormverandering die de lymfocyten van de patiënt, die in contact zijn geweest met het allergeen, hebben ondergaan. De test wordt uitgevoerd op een bloedstaal van de patiënt en is nuttig als de allergie slechts een beperkt ongemak veroorzaakt. Helaas zijn de resultaten, en dus ook de betrouwbaarheid van de test, sterk afhankelijk van het beoordelingsvermogen en dus van de ervaring van de analist.

EAV of elektro-acupunctuur

Volgens Voll : Bij een allergiepatiënt worden de energetische onevenwichten gemeten aan de hand van een negatieve elektrode die men in de linkerhand van de patiënt aanbrengt, terwijl men met de positieve elektrode een aantal acupunctuur-punten gaat stimuleren. Deze methode moet nog blijk geven van wetenschappelijke betrouwbaarheid.

KINESIOLOGIE

Deze test steunt op de vermindering van de spierkracht in de arm als men met één hand nijpt op een hoeveelheid voedselextract. De test is beslist goedkoop en eenvoudig, maar elke wetenschappelijke onderbouw ontbreekt nog. Er werden zeer weinig klinische studies over deze test uitgevoerd.

EMPIRISCHE PROEVEN

Er bestaan ook empirische proeven die zich baseren op het stimuleren van een immunologisch antwoord, door toediening van allergene voeding. Deze proeven kan men opdelen in twee groepen:

  • beginnen met een dieet waarbij elk verdacht voedingsmiddel geweerd wordt, waarna deze verdachte producten terug toegediend worden;
  • volledig vasten (enkel water gebruiken) gevolgd door een stimulatie-onderzoek waarbij de verdachte voedingsstof wordt toegediend.

Om deze laatste twee tests uit te voeren moet men wel de geschikte patiënten selecteren.